MICHELLE VOSSEN– GASTBLOGGER

The Chaos Machine (2018)

for English see below*

Introductie

Mijn naam is Michelle Vossen. Ik ben geboren in Arnhem, maar opgegroeid in Nieuw-Bergen en Didam. Afgelopen zomer ben ik afgestudeerd aan ArtEZ in Fashion Design. Technologie, machines en software spelen een grote rol in mijn ontwerp- en maakproces: ik combineer analoge en digitale beeldmanipulatie om tot ontwerpen en prints te komen, maak gebruik van allerlei digitale fabricagemethoden en laat me inspireren door online fenomenen en sciencefiction. Ik vind het daarnaast heel belangrijk om dit te vermengen met een dosis rariteit en humor; het mag best op het eerste (en het tweede) gezicht nergens op slaan, hoe lang ik er ook over heb nagedacht. Ik ben constant op zoek naar betekenis maar eigenlijk nog meer geïntrigeerd door de simulatie ervan: lege symbolen en beelden zonder diepere inhoud, beeldende verhalen zonder doel.

DRESSCODE (video door team Peter Stigter)

Het fysieke en het digitale

Mijn afstudeercollectie DRESSCODE is ontstaan uit een experimentele studie van de relatie tussen mens en machine, en tussen technologie en materiaal. Victoriaanse spotprenten, nutteloze uitvindingen en sciencefiction vormden inspiratie voor de context van de collectie.  Ik vat het meestal samen als low tech business wear uit een alternatieve toekomst. Technologie en machines fascineren me enorm, vooral wanneer ze niet helemaal volgens verwachting functioneren. Ik gebruik deze onvoorspelbaarheid tijdens het ontwerpen: dit is wat ik beschrijf als the ghost in the machine in het ontwerpproces. Hier heb ik ook mijn scriptie over geschreven. Machine made staat niet gelijk aan perfectie, want er gaat een hoop mis; maar dat is juist wat het waardevol maakt voor kunstenaars en ontwerpers.

scriptie

In algemene zin gaat mijn werk over het verbinden van het fysieke met het digitale, het met de hand vervaardigde en het machinaal gemaakte. Ik wil technologie die absurd is, machines die grillig zijn en software die buiten z’n beoogde context wordt gebruikt. Hoewel ik ben afgestudeerd als modeontwerper, wil ik mezelf niet in dat hokje plaatsen. Ik geloof dat een toekomstig ontwerper iemand is die voorbij disciplines denkt en gefascineerd is door een veelheid aan velden buiten kunst en design, geïnspireerd door alle nieuwe mogelijkheden die door technologie en wetenschap mogelijk zijn. Toekomstig vakmanschap is verweven met technologie, en ik denk dat dit moet worden omarmd. Wat ik echter misschien nog wel belangrijker vind, is dat luchtigheid een rol blijft spelen in design. Humor en technologie komen terug in mijn afstudeercollectie, het bijbehorende portfolio en the Chaos Machine: een modulaire ontwerpstudio die de aanleiding vormde voor mijn afstudeercollectie.

The Chaos Machine (2018)

Omwegen

Toen ik een jaar of twaalf was besloot ik dat ik mode wilde studeren. Vanaf het begin wilde ik al naar ArtEZ en ik ben eigenlijk maar naar één andere open dag gegaan. Als ik daar nu op terugkijk was ik te gefixeerd op de ArtEZ modeafdeling. Zelfs al was ik na het bezoeken van tien andere scholen alsnog bij ArtEZ uitgekomen, dan had ik waarschijnlijk wel een meer genuanceerde keuze kunnen maken. Toen ik als zeventienjarige begon aan de studie had ik een heel idealistisch beeld van de opleiding, en ik legde een enorme druk op mezelf om m’n kans niet te verpesten. In het tweede jaar merkte ik echter dat het steeds moeizamer ging: ik had een belachelijk ritme waardoor ik constant uitgeput was en totaal geen plezier meer haalde uit wat ik deed. Ik kwam in een vicieuze cirkel terecht die bestond uit thuiskomen van school, te moe zijn om iets te doen maar ook niet willen slapen omdat ik huiswerk moest maken, een paar uur werk uitstellen omdat ik te moe was, alsnog in slaap vallen, veel te laat eten, rond middernacht eindelijk beginnen met huiswerk en spijt hebben dat ik niet eerder was begonnen en vervolgens rond 3 of 4 uur weer gaan slapen. Ik was alleen te koppig om toe te geven aan mezelf dat dit niet werkte dus ik bleef nog een paar maanden op halve kracht door sudderen, terwijl ik stiekem naar andere opleidingen aan het kijken was. Uiteindelijk heb ik pas de knoop doorgehakt toen mijn mentor me apart nam en me vroeg of ik het nog wel leuk vond, en ik alleen maar nee kon zeggen. 

Aangezien ik me graag bezig wilde houden met technologie en innovatie, ben ik gestopt met mode en Industrial Design aan de TU/e te gaan studeren. Ik kwam er alleen na een paar maanden weer achter dat de opleiding niks voor mij was, dus besloot ik (na opnieuw maanden wikken en wegen) terug te gaan naar ArtEZ. Toch heb ik veel geleerd van mijn jaar aan de TU/e. Ik kwam er in aanraking met allerlei verschillende software, machines en programmeertalen, en ik heb er een kleine passie ontwikkeld voor het maken van websites. Voorheen had ik de neiging om het mezelf te moeilijk te maken; toen ik terugkwam kon ik dingen beter relativeren en loslaten, waardoor ik mijn plezier in mode terugkreeg. Het was goed voor me om even een jaar weg te zijn geweest uit de Arnhemse modebubbel. Wat mij betreft mogen uitstapjes naar andere opleidingen en disciplines meer worden gestimuleerd binnen de opleiding: het heeft me ontzettend geholpen om mijn huidige visie op innovatieve mode te vormen en mijn handschrift als ontwerper te verdiepen.

Portfolio website

Vage plannen

De tijd direct na afstuderen is een rare tijd. Iedereen heeft het altijd over het zwarte gat waar je invalt na het afstuderen, en ik ben daar ook niet aan ontkomen. Je hebt het hele schooljaar naar die show toegewerkt en opeens heb je geen doel meer om naartoe te werken. In het begin is het fijn om uit te kunnen rusten maar op een gegeven moment moet je toch weer een ritme voor jezelf creëren. Je studiefinanciering of lening valt daarnaast weg, dus uiteindelijk moet je toch iets vinden om mee rond te komen. Ik heb anderhalve maand bij een distributiecentrum gewerkt, maar dat vond ik echt niet leuk dus dat motiveerde me wel om snel iets anders te vinden. Ik begon bijna aan een IT traineeship omdat dat me zekerheid zou bieden, maar gelukkig heb ik me daarvan laten weerhouden door mensen die me goed kennen.  Enkele dagen later kreeg ik een mailtje van Waag, waar ik had gesolliciteerd voor een stage bij het Fablab; na een gesprek ben ik daar aangenomen.

Mijn stage bij het Fablab van Waag is de perfecte plek om uit te vogelen welke kant ik nu op wil gaan met mijn leven. Waag is een organisatie die zich richt op het verbeteren van de samenleving door middel van openbaar onderzoek op het kruispunt van kunst, wetenschap en technologie. Belangrijk hierbij is het aanzetten tot ‘actief burgerschap door open, eerlijke en inclusieve technologie te ontwikkelen.’ De stage is ontzettend leerzaam voor mij: ik leer hoe ik met machines zoals de 3D printer, lasersnijder, CNC freesmachine en vinyl cutter om moet gaan en leer allerlei verschillende programma’s kennen om in te modelleren en te ontwerpen. Naast het Fablab heb ik ook de mogelijkheid om aan mijn eigen projecten te werken in het Textilelab (gericht op textiel en mode) en in het open Wetlab (gericht op biologie en biodesign). Ik ben nu onder andere bezig met een onderzoek naar hoe ik cryptografische technieken kan gebruiken om geheimen te verbergen in kleding, werk aan een experimentele ontwerptool en ben sieraden aan het maken van bioplastics. 

Daarnaast kan ik de lessen van de Fabricademy volgen. Dit is een zes maanden durende opleiding waarbij digitale fabricage, textiel en biomaterialen samenkomen. De opleiding start verspreid over de wereld met wekelijkse lessen en besprekingen, waarna vervolgens in de individuele labs wordt gewerkt aan de opdrachten. De documentatie en video’s zijn allemaal vrij toegankelijk, passend binnen het ideaal van open kennisdeling waar Waag groot voorstander van is. Dit is iets wat ik zelf ook meer aan het toepassen ben binnen mijn eigen werk: het openbaar documenteren van al je projecten en hoe deze tot stand zijn gekomen, zodat je altijd terug kan zien hoe je bepaalde dingen hebt aangepakt en zodat anderen van je kunnen leren. Hiervoor schrijf ik artikelen op mijn documentatiesite. Op deze manier ben je tijdens je proces constant aan het reflecteren: waar ben je mee bezig, wat werkt en wat niet. Tijdens een proces gebeuren zoveel dingen die uiteindelijk nooit het daglicht zien, en die op deze manier een digitale plek geven vind ik mooi. Je kan zo een archief voor jezelf bouwen met allerlei experimenten waar je altijd nog verder mee kan gaan in de toekomst.

Experimenten van mijn stage bij Waag

Wat me nu vooral bezighoudt is de vraag: hoe nu verder? Wanneer iemand me nu vraagt hoe ik mezelf het best kan omschrijven, is mijn antwoord elke keer een andere combinatie van designer / kunstenaar / wannabe-hacker / digital artist / web developer / materiaalonderzoeker / modeontwerper / vul maar in. Ik ben nog heel erg op zoek naar wie ik ben en wat ik wil, al zijn er wel een aantal steeds terugkerende onderwerpen te onderscheiden zoals onderzoek, ontwerp, materiaal en code. Dit komt allemaal terug in mijn stage dus dat is een goed begin. Ik wil graag een master gaan doen, maar ik weet nog niet precies in welke richting: er zijn zoveel dingen die ik leuk vind en ik wil niet tien deuren dichtgooien door er eentje te openen. Ik moet nu vooral uitzoeken welke kant ik op wil gaan, en daar kom je alleen maar achter door te doen: ik wil freelancen, eigen werk maken en residenties in het buitenland doen. Ik heb onder andere kostuums voor een danscollectief gemaakt, meegeholpen aan filmkostuums en ik ben bezig met het maken van websites.  Ook wil ik nog het Start-Up programma volgen bij het Art Business Centre, maar daarvoor wil ik eerst een concreet plan hebben voor een eigen studio.

Misschien word ik uiteindelijk onderzoeker, ontwerper of kunstenaar, misschien word ik toch modeontwerper, misschien stort ik me wel helemaal op het maken van onzinnige machines en misschien doe ik het wel allemaal. Deze eerste paar maanden na het afstuderen gebruik ik om te onderzoeken wat ik echt belangrijk vind, nieuwe dingen te leren en me in zoveel mogelijk verschillende projecten te storten. Wat ik vooral heb moeten leren is dat je soms de tijd moet nemen om een weloverwogen (studie)keuze te maken, maar nog meer dat je moet accepteren dat je daarin fouten kan maken. Staar je niet dood op pakkende teksten op informatiepagina’s van opleidingen, want die laten alles leuk klinken. De perfecte opleiding bestaat sowieso niet. Ik had een heel idealistisch beeld van mode toen ik begon, en raakte nogal gedesillusioneerd toen mijn beeld moest worden bijgesteld. Toch heb ik uiteindelijk opnieuw voor mode gekozen, maar dit keer met realistischere verwachtingen van de studie en van mezelf. 

https://michellevossen.com


*English

Introduction

My name is Michelle Vossen. I was born in Arnhem, but I grew up in Nieuw-Bergen and Didam. Last summer I graduated from the Fashion Design department at ArtEZ. Technology, machines and software play a large role in my design and production processes: I combine analogue and digital image manipulation to develop designs and prints, I use all sorts of digital production tools and I find inspiration in online phenomena and science fiction. It’s very important to me to blend all this with a dose of absurdity and humor; it’s fine if it doesn’t make much sense at first (and second) glance, no matter how long I spent thinking about it. I’m always looking for meaning, but in reality I’m even more intrigued by the simulation of meaning: empty symbols and images without a deeper significance, visual narratives without a purpose.

DRESSCODE (video by team Peter Stigter)

The physical and the digital

My graduation collection DRESSCODE emerged from an experimental study of the relationship between man and machine, and between technology and matter. Victorian-era caricatures, useless inventions and science fiction formed the inspiration and context for the collection. I like to summarize the work as low-tech business wear from an alternative future. Technology and machines fascinate me immensely, especially when they don’t function entirely according to expectations. I use this unpredictability in my work: it’s what I describe as the ghost in the machine in the design process. This is what I wrote my thesis about, as well. Machine made doesn’t mean perfect, because there’s a lot that goes wrong with technology, but that is precisely what makes it valuable for artists and designers. 

thesis

In a general sense, my work connects the physical and the digital, the artisanal and the machine-made. I want absurd technology, whimsical machines and software deployed outside its intended context. Although I graduated as a fashion designer, I don’t want to confine myself to that. I believe that the designer of the future is someone who thinks beyond disciplines and who is fascinated by a multiplicity of fields beyond art and design, inspired by all the new possibilities that technology and science unlock. Future craftsmanship is interwoven with technology, and I think we should embrace that. Even more importantly, I think the frivolous should continue to play a role in design. Humor and technology are ever-present in my graduation collection, the associated portfolio and the Chaos Machine: a modular design studio that provoked my graduation collection.

The Chaos Machine (2018)

Detours

I decided that I wanted to study fashion when I was twelve years old or so. I decided on ArtEZ from the start and actually attended only one other open day. Looking back, I was too fixated on the ArtEZ fashion department. Even if I had settled on ArtEZ after visiting ten other schools, I probably could have made a more nuanced choice. When I was starting at the Academy at seventeen, I had a very idealistic view of the program and felt enormous pressure not to ruin my chances. In the second year, I started to feel increasingly exhausted. I had a ridiculous circadian rhythm, as a result of which I was always tired and wasn’t able to enjoy what I was doing. I got stuck in a vicious circle of coming home from school, feeling too tired to do homework but not allowing myself to sleep because I had to do homework, procrastinating for a few hours, falling asleep anyway, eating dinner far too late, starting homework at midnight, regretting not doing it sooner, and falling back asleep around 3 or 4 in the morning. Since I was too stubborn to admit that this wasn’t working, I hung in there half-heartedly for a couple of months while secretly browsing other programs. I only reached my decision when my tutor took me aside and asked me if I was still actually enjoying myself, and I could only answer no. 

Since I wanted to engage with technology and innovation, I dropped out of the fashion program and went on to study Industrial Design at the TU/e. After a couple of months, I figured out that this wasn’t for me, so I decided – after a few more months of deliberation – to go back to ArtEZ. Still, I learned a great deal in my year at the TU/e. I encountered all sorts of software, machines and programming languages, and developed a small passion for website building. Before, I was inclined to make my life difficult; when I came back, I was better at relativizing things and letting go, enabling me to find joy in fashion again. It was good for me to get out of the fashion bubble in Arnhem for a year. As far as I’m concerned, such detours to other programs and disciplines should be encouraged more within Fashion Design: it helped me enormously to shape my vision on innovative fashion and to deepen my signature as a designer.

Portfolio website

Vague plans

The time right after graduation is a strange one. Everyone talks about the black hole you fall into after graduating, and I didn’t manage to escape it either. You work towards that show for the entire school year and suddenly you’re left without a goal to reach. In the beginning, of course, it’s nice to relax but at some point you have to create a new rhythm for yourself. Besides, your student grants or loans will be a thing of the past, so you’ll need to find some way to pay the bills. I worked at a distribution center for a month and a half, but I hated that, so that definitely motivated me to find something else quickly. I almost started an IT traineeship because of the security it would offer, but fortunately I allowed people who know me well to stop me. A few days later I got an e-mail from Waag, where I had applied for an internship at the Fablab. After an interview, they hired me.

My internship at the Waag Fablab is the perfect place to figure out which direction to take with my life. Waag is an organization that focuses on improving society through public research at the intersection of art, science and technology. An important part of that is “empower[ing] people to become active citizens through technology.” The internship is enormously instructive to me: I’m learning how to use machines like a 3D printer, a laser cutter, CNC milling machine and vinyl cutter, and I’m getting to know various software tools to help me model and design my work. Other than the Fablab, I also have the opportunity to work on my own projects at the Textilelab (focused on textile and fashion) and in the open Wetlab (focused on biology and biodesign). Among the things I’m working on are a research project to explore cryptographic techniques to hide secrets in clothing, an experimental design tool and bioplastic jewelry.

I can also take courses at the Fabricademy. This is a six-month program at the intersection of digital manufacturing, textiles and biomaterials. It’s scattered across the world with weekly classes and discussions, and afterwards you work on the assignments in the individual labs. The documentation and videos are all accessible for free, as part of the ideal of open knowledge sharing that Waag promotes. This is something I’m starting to apply to my own work: openly documenting all your projects and how they arose, so you can look back to see how you approached things and allow others to learn from you. For that reason, I’m writing articles on my documentation site. Through documentation, you end up constantly reflecting on your process: what are you doing? What’s working and what isn’t? A creative process involves so many aspects that never see the light of day; giving them a digital place like this is a beautiful solution to me. You can build an archive for yourself with all sorts of experiments that you can go back to in the future.

Experiments from my internship at Waag

What concerns me most right now is the question: how to proceed? If someone asks me how I’d describe myself, my answer is always some different combination of designer / artist / wannabe-hacker / digital artist / web developer / material researcher / fashion designer / <insert here>. I’m still very much exploring who I am and what I want, even if there are some frequently recurring themes I can identify like research, design, material and coding. All these elements are part of my internship, so that’s a good start. I’d like to do a Master’s program but I’m not sure in what direction to go: there are so many things I like, and I don’t want to close ten doors by opening one. I need to find the right path, and the only way to do that is by doing stuff: freelancing, making my own work, doing residencies abroad. I’ve made costumes for a dance collective, contributed to movie costumes, and I’m still making websites. I’d like to do the Start-Up program at the Art Business Centre, but first I need a concrete plan for my own studio.

Maybe I’ll be a researcher, designer or artist, maybe I’ll be a fashion designer, maybe I’ll drop everything to build nonsensical machines and maybe I’ll do all of those things. I’m using the first few months after graduation to explore what’s really important to me, to learn new things and to get involved in as many projects as possible. What I’ve mostly had to learn is that sometimes you need to take the time to reach a deliberate (study) decision, but even more so that you have to accept that you can make mistakes. Don’t spend endless days reading the enticing texts on the information pages of various schools, because they make everything sound great. The perfect program doesn’t exist anyway. I had a very idealistic image of fashion when I started, then got rather disillusioned when I had to adjust my expectations. Ultimately, I chose fashion again – but with more realistic expectations of my program and of myself. 

https://michellevossen.com

Translation by: Witold van Ratingen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *